2004.01.05

 

Waarom spel ik konsekwent?

by Karel Thönissen

Regelmatig krijg ik opmerkingen of vragen naar aanleiding van de door mij gebruikte spelling van het Nederlands. Men vraagt waarom ik enkele jaren na de laatste spellingverandering nog steeds woorden spel als 'kado', 'akku', of 'frekwentie'. Blijkbaar is het Nederlands-onderwijs al zover uitgehold en is de greep van de overheid op ons denken al zo groot dat men enkel nog in staat is de afwijking van de norm te zien, maar niet de logika en de schoonheid erachter.

Ik ben naar school gegaan in een tijd dat de spellingsregels beide varianten toelieten: alles mocht mits de regels maar konsistent werden toegepast. Een woord als 'cadeau' mocht ook geschreven worden als 'kado'. Wat echter niet mocht waren varianten als 'kadeau',  'cado', of 'cadeaux'. Konsistente toepassing wilde zeggen dat je òf met c's spelde òf met k's, maar in een tekst konden niet beide varianten tegelijk voorkomen. Aan de toenmalige regels mankeerde eigenlijk niet zo heel veel op dit punt. Als taalgebruiker had je een keuze en als je de ene variant niet kon spellen had je altijd nog een tweede kans. Meestal is de moderne variant simpeler en draagt deze minder de belasting van de buitenlandse herkomst bij de leenwoorden en de bastaardwoorden. Het woord kado's schrijf je zoals je het zegt en in het meervoud krijgt het een normale meervouds-s voor woorden eindigend op een klinker. Voor het bastaardwoord 'cadeau', dat afkomstig is uit het Frans, liggen de zaken minder simpel. Talloze mensen schrijven het meervoud als 'cadeaux'. Helaas dat is niet goed. Dat is het meervoud in de Franse taal, maar niet in het Nederlands. Het is immers een bastaardwoord en niet een leenwoord. Maar hoe kun je dat weten? Door het op te zoeken en een woordenboek of woordenlijst. Zie hier een probleem dat toen bestond met het Nederlands: om het goed te gebruiken moest je voortdurend teruggrijpen naar het woordenboek. Er was een goed argument om de spelling van het Nederlands aan te passen....

Met die kennis op zak ben ik gaan werken en heb ik duizenden pagina's tekst geschreven. De spellingskontroles van de tekstbewerkers van die tijd keken alleen of een woord korrekt was, niet of er konsekwent van de 'ouderwetse' of de 'nieuwerwetse' spelling gebruik werd gemaakt. Voor dit probleem gesteld, heb ik toen op basis van een aantal argumenten een keuze gemaakt voor de moderne spelling:

-    als ontwerper en onderzoeker van programmeertalen was ik altijd op zoek naar manieren om talen simpeler en regelmatiger te maken. Een taal is een middel om een gedachte uit te drukken. Dat geldt voor een programmeertaal waarmee we een komplex algoritme proberen te formuleren, maar ook voor een natuurlijke taal waarmee we bijvoorbeeld een politieke gedachte proberen over te brengen. Als het goed is, is in die gevallen de spelling ondergeschikt aan de inhoud van de boodschap. Dus als het de formulering ten goede komt,  is het een goede zaak de spelling te laten afwijken van de norm. Ik pleit hiermee niet voor verandering per se, noch voor veranderingen die dermate rigoreus zijn, dat de kommunikatie met de wederpartij niet langer effektief mogelijk is. Nee, ik bedoel de meestal kleine veranderingen die iedereen kan volgen, die de expressie verbeteren of het eenvoudiger maken de expressies te maken. Normen zijn ervoor de mensen en niet omgekeerd! Taalregels op zich zijn ook niet verkeerd, omdat iedereen die een paar regeltjes kent hiermee in de praktijk talloze spellingsproblemen kan oplossen. Normen zijn lastenverlichters. Maar het laten opzoeken in een woordenlijst is niet een norm, het is een last. Omdat het mijn werk was, was het logisch ook het Nederlands links en rechts bij te schaven en te versimpelen, of desnoods onveranderd te laten, maar niet om een stap terug te doen.

-    en heel praktisch: het is eenvoudiger om een komputerprogramma te schrijven om alle overgebleven c's, q's en x'en te zoeken en te vervangen door k's, kw's en ks'en dan het omgekeerde. Er zijn domweg minder q's en x'en in het Nederlands dan kw's en ks'en. Van de letter c zijn er wel heel veel, maar niet als je in ogenschouw neemt dat de c's die staan voor een h onveranderd moeten blijven. Met een eenvoudig programma ging ik op jacht naar de c's (indien niet gevolgd door een h), de q's en de x'en en paste ze zo nodig aan. Dit is heel eenvoudig en levert bijna altijd een korrekt resultaat.

-    het moderne, het vooruitstrevende, past beter bij mij dan het behoudende (in ieder geval op dit gebied).

Toen de minister halverwege de jaren 90 besloot om het Nederlands te fixeren op een verplichte spelling die noch intern konsistent, noch historisch korrekt was, heb ik besloten de spellingsregels voortaan te laten voor wat ze zijn. Ik ben elke dag van de week bereid om alle regels te veranderen, mits daar goede argumenten voor gevonden kunnen worden. Maar enige vorm van logika ontbrak, het geheel is nu byzantijns. Sommige woorden volgen de ouderwetse spelling andere de moderne. Het toppunt is dat sommige woorden nu een ouderwetse spelling hebben, die ze historisch nooit gehad hebben. De puinhoop die de minister heeft achtergelaten kan alleen nog met het groene boekje betreden woorden. Dat is geen vooruitgang dat is taalverkrachting. Mijn regels zijn eenvoudig en konsekwent. Ik heb geen spellingslijst of woordenboek nodig om te weten hoe een woord gespeld moet worden. Ik kan me bezig houden met het formuleren van nieuwe ideeën, zonder mijn gedachten te moeten afleiden met spellingskwesties. Als je in een toestand van flow bent, is dat niet onbelangrijk. Bovendien zou een overgang naar de nieuwe spelling mijn volledige eerdere produktie inkonsistent maken met het latere werk. Omdat mijn werk niet bestaat uit losse artikelen, maar een monolitisch geheel vormt is dat een zeer groot bezwaar. Zolang ik alles in één spelling stel, kan ik zonder problemen machinaal zoeken over alle stukken die ik ooit geschreven heb. Hiervan pluk ik dagelijks de vruchten.

Overigens worden niet alle q'en en x'en door mij vervangen, maar er zijn een klein aantal simpele regels die aangeven wanneer wel en wanneer niet. En socialitisch wordt bij mij niet socialisties.

De aandachtige lezer zal het opgevallen zijn dat ik niet alleen afwijk met betrekking tot de spellingsregels, maar ook met betrekking tot de regels voor de punktuatie. Hiervoor heb ik soortgelijke argumenten.

Het blijft een pijnlijke gedachte hoe het Nederlands eruit zou hebben gezien als de minister haar verstand had gebruikt en niet in de verdediging was geschoten na de afkeurende publieke reakties op de eerdere zeer vergaande verbetervoorstellen van de spellingskommissie. Maar de minister heeft nu voor eens en altijd aangetoond onbekwaam te zijn en heeft daarmee het recht en het gezag verloren anderen op te leggen hoe te spellen in het Nederlands.